KOR Nadelen ZZP: Wanneer Is De Kleineondernemersregeling Ongunstig?
🏛️Belastingen

KOR Nadelen ZZP: Wanneer Is De Kleineondernemersregeling Ongunstig?

De KOR heeft flinke nadelen: geen BTW-aftrek, BTW-herziening op investeringen en een B2B-imago risico. Ontdek wanneer de KOR ongunstig is en wat je alternatieven zijn in 2026.

Frlncr Redactie·

De kleineondernemersregeling klinkt als een cadeautje van de Belastingdienst: geen BTW afdragen, geen kwartaalaangifte en minder administratie. Maar wie alleen naar de voordelen kijkt, maakt een dure rekenfout. Voor veel ZZP'ers pakt de KOR juist nadelig uit, vooral als je investeert in je bedrijf of voornamelijk aan zakelijke klanten levert. In dit artikel zetten we alle nadelen op een rij zodat je een weloverwogen keuze maakt.

Hoe de KOR werkt in 2026

Even de basis. De kleineondernemersregeling is een BTW-vrijstelling voor ondernemers met een jaaromzet tot 20.000 euro. Neem je deel, dan factureer je zonder BTW, hoef je geen BTW-aangifte te doen en draag je geen BTW af. Sinds 2025 is de verplichte minimumtermijn van drie jaar vervallen. Je kunt je nu op elk gewenst moment afmelden via Mijn Belastingdienst Zakelijk, al geldt er nog wel een uitsluitingsperiode: de rest van het kwartaal waarin je je afmeldt plus het volgende volledige kalenderjaar.

Ongeveer 300.000 ondernemers in Nederland maken gebruik van de regeling. Maar lang niet voor iedereen is het slim.

Nadelen van de KOR voor ZZP'ers

Nadeel 1: geen BTW-aftrek op zakelijke kosten

Dit is veruit het zwaarwegendste nadeel. Als KOR-deelnemer mag je de BTW op al je zakelijke uitgaven niet terugvragen. Elke factuur die je ontvangt van een leverancier bevat 21 procent BTW, en dat bedrag is voor jou een harde kostenpost.

Rekenvoorbeeld. Je koopt een nieuwe laptop voor 1.210 euro inclusief BTW. Zonder KOR vraag je 210 euro BTW terug bij de Belastingdienst. Met KOR betaal je die 210 euro zelf. Koop je daarnaast een jaarabonnement op Adobe Creative Cloud (780 euro inclusief BTW), een bureau en bureaustoel (600 euro inclusief BTW) en volg je een opleiding (1.500 euro inclusief BTW), dan mis je in totaal ruim 710 euro aan BTW-teruggave. Dat is meer dan menig ZZP'er per maand aan de regeling bespaart.

De vuistregel is simpel: hoe hoger je zakelijke kosten, hoe ongunstiger de KOR uitpakt. Freelancers met lage bedrijfskosten, bijvoorbeeld een copywriter die alleen een laptop en internetverbinding nodig heeft, merken dit nadeel minder. Maar een grafisch ontwerper die investeert in dure software, apparatuur en opleidingen betaalt met de KOR fors meer.

Nadeel 2: BTW-herziening bij recente investeringen

Een nadeel dat veel starters over het hoofd zien. Heb je in de afgelopen vijf jaar BTW op investeringsgoederen teruggevraagd en meld je je daarna aan voor de KOR, dan kan de Belastingdienst een deel van die BTW terugvorderen. Dit heet de herzieningsregeling.

De herzieningsperiode voor roerende goederen zoals een auto of dure apparatuur bedraagt vijf jaar: het jaar van ingebruikname plus de vier jaren erna. Per jaar wordt een vijfde van de eerder afgetrokken BTW herbeoordeeld. Is het totale herzieningsbedrag in een boekjaar lager dan 500 euro, dan hoef je niets terug te betalen. Maar bij grotere investeringen loop je al snel tegen die grens aan.

Praktijkvoorbeeld. Je hebt twee jaar geleden een zakelijke auto gekocht en 4.500 euro BTW afgetrokken. Per jaar is dat 900 euro herzieningsbelang. Als je nu overstapt naar de KOR, moet je de resterende drie jaar telkens 900 euro terugbetalen, in totaal 2.700 euro. Dat maakt de KOR opeens een stuk minder aantrekkelijk.

Vanaf 2026 vallen bovendien investeringsdiensten aan onroerende zaken van minimaal 30.000 euro onder de herzieningsregels. Huur je een zakelijk pand en heb je daarin verbouwd, dan is dit relevant.

Nadeel 3: beperkte groeiruimte

De omzetgrens van de KOR ligt op 20.000 euro per jaar. Alle omzet telt mee, inclusief omzet aan buitenlandse klanten. Zodra je die grens overschrijdt, word je automatisch uitgeschreven en moet je alsnog BTW-aangifte gaan doen.

Voor een freelancer die net begint, lijkt 20.000 euro misschien veel. Maar als je serieus wilt groeien, bereik je die grens sneller dan je denkt. Twee goede opdrachtgevers met elk een project van 850 euro per maand en je zit er al overheen. En dan moet je midden in het jaar opeens je facturatie aanpassen, klanten informeren en je administratie omgooien.

Wie verwacht binnen een jaar of twee boven de grens uit te komen, kan beter meteen BTW-plichtig starten. Zo voorkom je de rompslomp van omschakelen en de mogelijke BTW-herziening op eerdere aankopen.

Nadeel 4: professioneel imago bij B2B-klanten

Factureer je aan bedrijven, dan kan een factuur zonder BTW vragen oproepen. Zakelijke klanten zijn gewend aan facturen met BTW en trekken die BTW gewoon af. Een factuur zonder BTW-nummer kan het signaal afgeven dat je een kleine of hobbymatige ondernemer bent.

Dit nadeel is subjectief en verschilt per branche. In B2C-markten, denk aan een fotograaf die voor particulieren werkt of een yogaleraar, speelt het nauwelijks. Maar in de zakelijke dienstverlening, IT of consultancy kan het wel degelijk een drempel zijn. Sommige bedrijven hanteren inkoopbeleid waarbij ze alleen werken met BTW-plichtige leveranciers.

Nadeel 5: geen EU-BTW-voordelen bij internationale diensten

Lever je diensten aan klanten in andere EU-landen, dan geldt normaal de verleggingsregeling: je factureert zonder BTW en de klant draagt de BTW af in eigen land. Als KOR-deelnemer kun je hier niet van profiteren, want je hebt geen actief BTW-nummer.

Sinds 2025 bestaat er wel een EU-KOR waarmee je in meerdere EU-landen BTW-vrijgesteld kunt ondernemen, mits je totale EU-omzet onder de 100.000 euro blijft. Maar voor de meeste freelancers die internationaal werken, is gewoon BTW-plichtig zijn eenvoudiger en voordeliger.

Wanneer is de KOR dan wel voordelig?

De regeling is waard om te overwegen als je aan alle volgende voorwaarden voldoet:

  • Je omzet blijft structureel onder 20.000 euro per jaar
  • Je hebt weinig tot geen zakelijke kosten waarvoor je BTW betaalt
  • Je levert voornamelijk aan particulieren
  • Je hebt geen recente investeringen waarop je BTW hebt afgetrokken
  • Je waardeert administratieve eenvoud boven financieel voordeel

Typische KOR-kandidaten zijn bijlesgevers, thuiskappers, hobbymatige verkopers op markten en coaches die net beginnen en nog weinig uitgaven hebben.

Vergelijking: KOR versus BTW-plichtig

AspectKORBTW-plichtig
BTW-aangifteNiet nodigPer kwartaal
BTW op facturenGeen21% (of 9%)
Voorbelasting aftrekkenNeeJa
Omzetgrens20.000 euroGeen
Minimale deelnameGeen (sinds 2025)Nvt
Uitsluitingsperiode na afmeldingRest kwartaal + 1 jaarNvt
Geschikt voor B2BMinderJa
Geschikt voor B2CJaJa

Checklist: moet jij de KOR kiezen?

Maak een simpele berekening voordat je je aanmeldt. Tel al je verwachte zakelijke kosten bij elkaar op en bereken hoeveel BTW je daarover zou kunnen terugvragen. Vergelijk dat bedrag met het gemak van geen BTW-aangifte doen. In veel gevallen is het financieel voordeliger om gewoon BTW-plichtig te blijven en elk kwartaal aangifte te doen.

Gebruik eventueel een boekhoudprogramma dat je BTW-aangifte automatisch klaarzet. Daarmee kost de aangifte je hooguit een kwartier per kwartaal, en dat weegt zelden op tegen honderden euro's aan gemiste BTW-teruggave.

Veelgestelde vragen

Kan ik de KOR tussentijds verlaten? Ja, sinds 2025 kun je je op elk moment afmelden. Er geldt wel een uitsluitingsperiode: de rest van het kwartaal plus het volgende volledige kalenderjaar voordat je opnieuw kunt deelnemen.

Telt buitenlandse omzet mee voor de KOR-grens? Ja, alle omzet telt mee voor de grens van 20.000 euro, ongeacht of je klanten in Nederland of in het buitenland zitten.

Wat gebeurt er als ik de omzetgrens overschrijd? Je wordt automatisch uitgeschreven en moet vanaf dat moment BTW in rekening brengen en BTW-aangifte doen. Houd je omzet dus goed bij gedurende het jaar.

Is de KOR hetzelfde als de oude kleineondernemersregeling? Nee, de huidige KOR is sinds 2020 een volledig vernieuwde regeling die de oude afdrachtsvermindering heeft vervangen. De spelregels zijn per 2025 opnieuw gewijzigd met onder andere het afschaffen van de driejaarsperiode.