Alternatieven voor de AOV als ZZP'er: Broodfonds, Schenkkring en Meer
De AOV te duur? Vergelijk alternatieven als broodfonds, schenkkring en zelf sparen. Met kosten, uitkeringsduur en tips om te combineren in 2026.
Een arbeidsongeschiktheidsverzekering kost gemiddeld 260 euro bruto per maand. Na belastingaftrek kom je uit op zo'n 156 euro netto, maar zelfs dat bedrag is voor veel ZZP'ers een flinke hap uit het budget, zeker in de startfase. De logische vraag is dan: zijn er goedkopere manieren om jezelf te beschermen tegen inkomensverlies bij ziekte of arbeidsongeschiktheid? Het antwoord is ja, maar elk alternatief heeft beperkingen. In dit artikel vergelijken we de opties zodat je een bewuste keuze kunt maken.
Waarom je iets moet regelen
Eén op de vijf ZZP'ers krijgt tijdens de loopbaan te maken met een periode van langdurige ziekte. Zonder vangnet val je terug op je eigen spaargeld of, in het ergste geval, op een bijstandsuitkering. In loondienst vang je werkgever en het UWV dit op met twee jaar loondoorbetaling en vervolgens een WIA-uitkering. Als zelfstandige sta je er alleen voor.
De verplichte AOV voor ZZP'ers via de Wet BAZ is uitgesteld naar 1 januari 2030. Tot die tijd is het aan jou om iets te regelen. En ook na invoering van de BAZ kan een aanvullende voorziening verstandig zijn, want de verplichte basisverzekering keert maximaal het minimumloon uit na een wachttijd van twee jaar.
Optie 1: het broodfonds
Een broodfonds is een groep van 20 tot 50 zelfstandige ondernemers die maandelijks geld opzij zetten op een eigen rekening. Wordt een deelnemer ziek, dan doen de andere deelnemers een schenking vanuit hun individuele pot. Het geld dat je inlegt blijft van jou: stop je met het broodfonds, dan neem je je opgebouwde saldo mee.
Kosten. De maandelijkse inleg varieert van 30 tot iets boven de 100 euro, afhankelijk van de gekozen uitkeringshoogte. Bij aanmelding betaal je eenmalig 225 euro inschrijfgeld.
Uitkering. Minimaal 750 en maximaal 2.500 euro per maand, afhankelijk van je inleg. De uitkering loopt maximaal twee jaar.
Voordelen. Een broodfonds is aanzienlijk goedkoper dan een AOV. Je bouwt een eigen buffer op die je terugkrijgt als je gezond blijft. De groep biedt bovendien een netwerk van mede-ondernemers.
Nadelen. Na twee jaar stopt de uitkering, ongeacht of je hersteld bent. De maximale uitkering van 2.500 euro per maand is voor veel ZZP'ers onvoldoende om alle vaste lasten te dekken. Daarnaast is de inleg niet fiscaal aftrekbaar, in tegenstelling tot een AOV-premie. En belangrijk: een broodfonds kwalificeert niet als vervanging voor de toekomstige verplichte BAZ-verzekering.
Er zijn in Nederland meer dan 600 broodfondsen actief. Je kunt je aansluiten bij een bestaande groep in je regio via broodfonds.nl.
Optie 2: de schenkkring
Een schenkkring werkt volgens hetzelfde principe als een broodfonds maar is kleiner en informeler. Bekende aanbieders zijn SharePeople, SamSamkring en CommonEasy. Elke aanbieder hanteert eigen regels, maar het basisidee is gelijk: ondernemers steunen elkaar bij ziekte.
Kosten. De maandelijkse bijdrage ligt lager dan bij een broodfonds, meestal tussen 25 en 75 euro.
Uitkering. Varieert per aanbieder. Sommige schenkkringen bieden een uitkering tot 24 maanden, andere korter. De bedragen liggen doorgaans lager dan bij een broodfonds.
Voordelen. Laagdrempelig, goedkoop en snel te regelen. Sommige schenkkringen accepteren ook starters die nog geen volledig jaar actief zijn.
Nadelen. Minder structuur en minder zekerheid dan een broodfonds. Bij een kleine groep kan het gebeuren dat er onvoldoende geld beschikbaar is als meerdere deelnemers tegelijk ziek worden. De uitkeringshoogte is beperkt.
Optie 3: zelf sparen
De meest flexibele optie: je opent een aparte spaarrekening en zet daar maandelijks een vast bedrag op. Bij ziekte gebruik je dit geld om je vaste lasten te dekken.
Kosten. Volledig zelf te bepalen. Een veelgehoord advies is om minimaal zes maanden aan vaste lasten als buffer aan te houden, wat voor de meeste ZZP'ers neerkomt op 10.000 tot 20.000 euro.
Voordelen. Het geld is en blijft van jou. Volledig flexibel, geen groep nodig en geen regels. Als je gezond blijft, heb je een mooi spaarpotje opgebouwd.
Nadelen. Geen vangnet bij langdurige arbeidsongeschiktheid. Als je na een jaar nog steeds niet kunt werken, is je buffer op. Bovendien vereist het discipline: de verleiding om het spaargeld voor iets anders te gebruiken is groot. En in tegenstelling tot een AOV-premie is het spaarbedrag niet fiscaal aftrekbaar.
Optie 4: AOV met verlengd eigen risico
Niet zozeer een alternatief maar een slimme variant. Door het eigen risico van je AOV te verlengen van de standaard 30 dagen naar bijvoorbeeld een of twee jaar, daalt je premie aanzienlijk. Je dekt alleen het calamiteitenrisico af: langdurige arbeidsongeschiktheid na het eerste of tweede jaar.
Kosten. Een AOV met twee jaar eigen risico kan al vanaf 40 tot 80 euro per maand, afhankelijk van je beroep en leeftijd. Dat is vergelijkbaar met een broodfonds.
Voordelen. Dekking tot aan je pensioenleeftijd van 67 jaar. Lagere premie dan een standaard-AOV. De premie is volledig fiscaal aftrekbaar.
Nadelen. Je moet de eerste twee jaar zelf overbruggen, bijvoorbeeld met een broodfonds of eigen buffer.
Optie 5: combineren
De slimste aanpak is combineren. Veel ZZP'ers kiezen voor de volgende opzet:
- Jaar 1-2: Een broodfonds of schenkkring vangt het inkomensverlies op
- Jaar 2-67: Een AOV met twee jaar eigen risico neemt het over
Door te combineren houd je de premie laag en heb je toch dekking voor het hele traject. De totale maandelijkse kosten liggen tussen 100 en 200 euro, en de AOV-premie is aftrekbaar.
Een andere populaire combinatie is een broodfonds aangevuld met een eigen spaarbuffer. Dat geeft je twee jaar inkomenszekerheid zonder verzekeringskosten, maar dekt niet het scenario van langdurige arbeidsongeschiktheid.
Vergelijking in een tabel
| Optie | Kosten per maand | Maximale duur | Uitkering per maand | Fiscaal aftrekbaar |
|---|---|---|---|---|
| AOV standaard | 100-300 | Tot 67 jaar | Naar keuze | Ja |
| AOV verlengd eigen risico | 40-80 | Tot 67 jaar | Naar keuze | Ja |
| Broodfonds | 30-110 | Max 2 jaar | 750-2.500 | Nee |
| Schenkkring | 25-75 | Varieert | Lager | Nee |
| Zelf sparen | Vrij te kiezen | Zolang buffer reikt | Eigen buffer | Nee |
Wat past bij jou?
De juiste keuze hangt af van je persoonlijke situatie. Stel jezelf deze vragen:
- Hoe hoog zijn je vaste lasten? Hoe hoger, hoe belangrijker een goede dekking
- Hoe fysiek is je werk? Bij fysiek werk is het risico op arbeidsongeschiktheid hoger
- Heb je al een buffer? Met 20.000 euro op de bank kun je een langere eigen risicoperiode aan
- Hoe oud ben je? Hoe jonger je een AOV afsluit, hoe lager de premie. Wacht je te lang, dan worden gezondheidsklachten een risico op uitsluitingen
Veelgestelde vragen
Wordt de AOV verplicht voor ZZP'ers? Ja, de Wet BAZ is in behandeling en de beoogde ingangsdatum is 1 januari 2030. De verplichte verzekering keert maximaal het minimumloon uit na twee jaar wachttijd. Lees meer in ons artikel over de verplichte AOV.
Kan ik later alsnog een AOV afsluiten? Ja, maar hoe ouder je bent, hoe hoger de premie. Bovendien kunnen bestaande gezondheidsklachten leiden tot uitsluitingen of een hogere premie. Vroeg beginnen is financieel het slimst.
Telt een broodfonds mee voor de verplichte AOV? Nee, een broodfonds kwalificeert niet als alternatief voor de toekomstige BAZ-verplichting. Je zult daarnaast alsnog een verzekering moeten afsluiten of onder de publieke BAZ vallen.
Hoeveel procent van mijn inkomen moet ik reserveren voor arbeidsongeschiktheid? Een veelgebruikte richtlijn is 5 tot 10 procent van je bruto-omzet. Het exacte bedrag hangt af van de dekking die je wilt en het risicoprofiel van je beroep.